|
|  het einde vn de wereld | |
|
Het is 10493 na Christus, 3 november 0.49u. Er is een komeet zo groot als nederland in rusland neer gekomen. De hele wereld is uitgestorven. Alles is verbrand en verwoest. Op 1 konijntje na dat in Amsterdam in een tuintje zit. Het konijntje is onvermoeidbaar en onsterfelijk, maar weegt wel 30kg. Ook is er nog één heilig worteltje. Als het konijntje die wortel op eet, kan hij terug in de tijd en voorkomen dat de komeet in slaat. Er is alleen één dilemma. Het worteltje ligt precies aan de andere kant van de wereld, in Sidney. Het konijntje denkt dat hij beter af is als hij gravend naar de andere kant van de wereld gaat. Hij begint dus met graven. Na 319 jaar, is hij halverwege, maar zijn nagels zijn op. Hij kan geen centimeter meer graven. Hij gaat dus terug naar boven en begint met lopen. Na 4 jaar komt hij aan in zuid-Spanje, bij de Middellandse zee. Hij ziet een houten plank op het water drijven, en springt erop. Na 38 jaar komt hij eindelijk aan in Marroko. Hij begint weer met rennen. Na 10 jaar komt hij aan in Mozambique. Hij wil naar Madagascar, maar kan niet zwemmen. Plotseling voelt hij een heilig gevoel. Het is God’s hand. God gooit de konijn naar Madagascar. Na 2 jaar komt hij aan in het zuidelijkste puntje van madagascar. Hij heeft heel goede ogen, dus kan Australië al zien. Hij weet dat hij niet hoeft te ademen om in leven te blijven, dus hij loopt het water in. Het probleem is dat hij heel slecht ziet onder water. Na 328 jaar komt hij boven water en staat hij op ijs. Hij is in Wilkesland, in Antartica terecht gekomen. Plotseling ziet hij stukken ijzer vliegen. Hij springt op een stuk ijzer, en leer het in 3 jaar tijd onder controle te krijgen. Hij vliegt naar Australië en landt na 5 jaar in Perth. Hij denkt dat hij op de goede plaats zit, dus doorzoekt de hele stad. Na 46 jaar heeft hij nog niks gevonden. Dan komt hij een globe tegen. Er is een ijzeren stang precies doorheen geboord. De stang is er bij Nederland in gegaan en hij komt er bij Sidney uit. Het konijntje ziet dus dat hij in de foute stad is en begint met rennen naar west-Australië. Na 90 jaar is hij halverwege. Hij ziet het niet meer zitten en gaat daar in een dorpje aan een biervat knagen. Hij drinkt 50 liter bier. Met zijn dronken hoofd gaat hij verder. Hij komt na 485 jaar in Sidney aan. Hij ziet een kroeg waar nog vaten bier staan, en drinkt 5 vaten van 300 liter leeg. Na 37 jaar gaat hij de stad doorzoeken. 133 jaar later vind hij het worteltje. Het is 11993 na Christus 3 november 0.48u. Hij wil beginnen met eten, maar dan, poef, valt hij dood neer. In de tijd dat het lichaam langzaam verdwijnt, ziet de geest van het konijntje de tekst staan “je had 1500 jaar, je hebt gefaald.” En BOOOEEEM!! De wereld ontploft en al het tastbare in het universum verdwijnt.
|
|
|  de man en vrouw op reis | |
|
De man en vrouw gingen samen naar het mooie strand. De man die overstroomde van liefde voor de vrouw ging op het strand op zijn knieën. De vrouw die heel erg verrast, maar toch vrolijk opkeek, ging helemaal rechtop zitten en keek de man smoorverliefd aan. De man vraagt de vrouw met een zachte stem ten huwelijk. Maar plotseling stort er een vliegtuig dramatisch neer op het mooie strand, waardoor het verliefde paar omkomt. Zij zullen nooit meer de geweldige liefde die ze voor elkaar hadden kennen.
|
|  de moord met de tandenstoker | |
|
Twee mannen komen bekvechtend op.
Piet:”NIET! HET IS JOU SCHULD!”
Sjakie:”JIJ MOEST MIJ ZO NODIG DUWEN! HET IS JOU SCHULD”
Piet:”ACH HOU JE KOP MAN!”
Piet loopt weg.
Sjakie zegt tegen zichzelf:”Jezus, we hebben ons goed in de problemen gewerkt!” Sjakie loopt ook weg.
Terug in de tijd.
8 mensen komen op, Piet en Sjakie zitten er ook bij. Piet heeft een tandenstoker in zijn mond.
Piet haakt voor de grap persoon 1.
Klaas:”Als je dat nog één keer waagt Piet!”
Piet:“Ja wat dan?”
Jan en Truus tegelijk:”Kom jongens geen ruzie maken!”
Piet haalt het tandenstokertje uit zijn mond en zegt:”Sorry Klaas.”
Piet zet aan om het tandenstokertje in zijn mond te doen, maar halverwege geeft Sjakie hem een duw . De Tandenstoker komt precies bij klaas in zijn keel. Klaas valt dood neer.
Jan zegt boos:”KIJK EENS WAT JULLIE GEDAAN HEBBEN!”
Jan begint Piet te slaan.
Truus en Klarabella kijken toe. Sjakie grijpt in en duwt Jan weg. Jan valt op zijn nek, ook dood.
Klarabella en Truus gillend:”NEEE JAN!” ze kijken of Jan nog leeft.
Truus en Klarabella kijken boos naar Sjakie en Piet en zeggen:”Het is jullie schuld!” en ze lopen weg.
Piet kijkt Sjakie vaag aan en ze lopen beide moedeloos weg.
|
|
|
De jongen begon te oefenen met poker. Op het begin was hij heel slecht. Maar hij vond iets uit. Een cameraatje in de pokertafel, met het beeld in een lens. De jongen zag precies wat zijn tegenspelers in de handen hadden. Hij werd goed. Ook leerde hij de techniek van het inbouwen kennen, en na een tijd kon hij het in een oogwenk. Hij leerde omgaan met het feit dat hij wist wat zijn tegenspelers in hun handen hadden. Hij wist wanneer hij moest inzetten. Hij won eerst kleine toernooien. Daarna ging hij steeds hoger op. Hij werd wereldkampioen. Er kwamen Italianen die hem uit daagden. De Italianen gaven hem een zonnebril als geschenk voor de partij. Hij gebruikte die zonnebril. Maar hij wist niet dat de zonnebril ieder effect van elke lens weghaalde. Zijn lens werkte dus niet en de man ging af als een baksteen. Hij wist niet dat de Italianen van de maffia waren, maar na de wedstrijd kwam hij er meteen achter. De Italianen sloten hem op en zeiden: “ je moet nooit dollen met de maffia!” De mensen van de maffia gingen de tafel onderzoeken, en kwamen achter de truc van de man. De man werd vrijgelaten, maar de Italianen maakten een filmpje van de truc van de man. Deze zonden zij naar ieder nieuwsprogramma. Het was wereldnieuws. De wereldkampioen poker speelde vals. De man raakte al zijn vrienden kwijt, op straat werd hij uitgejoeld en in kroegen werd hij in elkaar geslagen. De man werd manisch depressief. Psychiaters wilden hem niet helpen. 2 dagen later werd hij dood in zijn woning aangetroffen. Hij had een briefje achtergelaten: ”Ik kan er niet meer tegen, mijn leven is nutteloos. Waar ik achter ben gekomen: Je moet niet vals spelen!”
|
|